Je kunt je hele leven wachten op erkenning van je vader. Tot je ontdekt dat zijn blik niet langer hoeft te bepalen welke man jij mag worden.

Er zijn mannen die op hun vijftigste nog wachten op één zin van hun vader.
“Ik zie je.” “Ik ben trots op je.” “Je hebt het goed gedaan.”
Soms leeft de vader nog. Soms is hij overleden. Soms was hij aanwezig aan tafel maar emotioneel ver weg. De zoon blijft ondertussen presteren, bewijzen, vechten of hopen dat het deze keer genoeg is.
Een vaderfiguur kan een jongen helpen om zich naar buiten te richten. Niet doordat alleen een biologische vader dit kan, en ook niet doordat iedere vader het goed doet. Wel doordat een jongen een man nodig heeft die laat zien: je mag de wereld in, je mag kracht hebben, je mag vallen en terugkomen.
Wanneer zo'n man ontbreekt, onveilig is of zelf niet beschikbaar kan zijn, zoekt een jongen andere antwoorden. Hij kan overdreven zelfstandig worden. Steeds de beste willen zijn. Zich afzetten tegen alles wat mannelijk voelt. Of juist hunkeren naar sterke mannen en zich snel aan hen onderwerpen.
De vaderwond is geen nette theorie die bij iedereen hetzelfde werkt. Het is een naam voor de pijn rond wat je van je vader nodig had en niet of onvoldoende ontving.
Een zoon kan jarenlang boos blijven op zijn vader. Die boosheid is begrijpelijk. Tegelijk houdt strijd soms de verbinding in stand. Zolang jij hem nog probeert te verslaan, overtuigen of veranderen, is hij nog steeds degene die bepaalt of jij vrij bent.
Vrijer worden betekent niet dat je zijn gedrag goedpraat. Het betekent dat je stopt met jouw leven gebruiken als sollicitatie naar zijn erkenning.
Je kunt zeggen: jij bent mijn vader en via jou kwam het leven. Wat jij niet kon geven, heeft mij geraakt. Ik laat de verantwoordelijkheid daarvoor bij jou. Ik ga nu zelf antwoord geven op de vraag welke man ik wil zijn.
Binnen systemisch werk wordt soms gesproken over “de vader nemen”. Dat kan gemakkelijk verkeerd begrepen worden. Het betekent niet dat je misbruik, afwezigheid of grensoverschrijding moet aanvaarden. Veiligheid en werkelijkheid gaan voor.
Het kan betekenen dat je erkent dat hij jouw vader is, zonder hem tot held of monster te hoeven maken. Dat je ziet welke eigenschappen via hem en zijn familie bij jou kwamen. Misschien kracht, humor, koppigheid, gevoeligheid of overlevingsvermogen.
Je hoeft zijn hele levenswijze niet over te nemen om jouw oorsprong niet langer weg te duwen.
Op een bepaald moment moet iedere man zelf kiezen wat mannelijkheid voor hem betekent. Niet de luidste versie. Niet automatisch die van zijn vader. Misschien betekent het voor jou: begrenzen zonder te vernederen. Je woord houden. Hulp vragen voordat je instort. Je kinderen veiligheid geven. Je seksualiteit verantwoordelijk dragen. Een andere man aanspreken en zelf aanspreekbaar blijven.
Mannelijkheid wordt dan geen rol die je bewijst, maar een manier waarop je leeft.
We beginnen niet met een oordeel over jouw vader. We beginnen met wat jij merkt wanneer je zijn naam hoort of zijn beeld voor je ziet.
Via imaginatie ontmoeten we soms de vader die je had, de vader die je nodig had en de man die jij nu zelf kunt worden. Een ritueel kan helpen om een oude sollicitatie symbolisch neer te leggen.
De andere mannen zijn geen vervangende vaders. Zij zijn getuigen en spiegels. Zij kunnen jou erkenning geven, maar ook laten ervaren dat jij niet langer afhankelijk hoeft te zijn van één beslissende blik.
De mannengroep is voor mannen die de vader niet alleen willen bespreken, maar hun eigen plek als man willen onderzoeken. Wil je weten of de groep bij je past?
Naar de wachtlijst